Who The F*ck Is Cactus? PDF Afdrukken E-mail
Flashback
door PJ Symons   
vrijdag 17 juli 2009 08:11
Eind jaren ’60 was de competitie om de ultieme supergroep samen te stellen even scherp en grotesk als de nucleaire wapenwedloop. Eén daarvan, Led Zeppelin (hoewel, strikt genomen, geen conventionele supergroep) bereikte totale werelddominatie. Anderen stortten snel in, meestal als gevolg van hun eigen arrogantie. In het geval van Blind Faith, de enige echte oorspronkelijke en originele supergroep (Eric Clapton en Ginger Baker van Cream, Steve Winwood van Traffic en Ric Grech van Family), ging de groep ten onder aan de zelf gecreëerde torenhoge verwachtingen.  

Moest de oorspronkelijke blauwdruk van Cactus – met in de line-up Rod Stewart, Jeff Beck, Tim Bogert en Carmine Appice – realiteit zijn geworden, zou het zeer waarschijnlijk zijn dat ze net onder Zeppelin de tweede plaats stevig bezetten. Maar aangezien van die droomband alleen de Vanilla Fudge ritmesectie (bestaande uit bassist Bogert en drummer Appice) de in 1970 samengestelde line-up haalde, was het resultaat eigenlijk niets meer dan just another band. (Beck had een auto-ongeluk gehad met 18 maanden onmogelijkheid tot gitaarspelen als gevolg; later zou het Fudge duo nog wel met hem samen spelen wanneer ze Beck, Bogart & Appice vormden in ’73.)

 

cactusalbum

 

Critici kregen uiteindelijk ongelijk. De legendes geschreven in het Grote Boek van de rockmuziek (lees: anekdotes van kleinere namen die bij Grote groepen hebben gespeeld, genre Bill Wyman, Ray Royer en Vivian Campbell) leren ons dat Cactus als voorprogramma meermaals headliners als The Who en The Faces van het podium bliezen! En ze zijn helemaal verantwoordelijk te houden voor de chaos en oproer die ontstond wanneer ze de John Sebastian Show deden.

 

De héél erg onderschatte gitarist Jim McCarty (die klinkt alsof hij de powerchord riff heeft uitgevonden) nam Jeff Beck’s plaats in bij Cactus nadat die eerste bij de Buddy Miles Express en Mitch Ryder & The Detroit Wheels speelde. In de plaats van Stewart werd ex-Amboy Dukes strot Rusty Day achter de microfoon geplaatst.

 

Dit debuutalbum volledig opengereten, in feedback gedrenkte blues, schetst een mooi beeld van de totale inzet en passie die de band ten berde bracht. Geen opgesmukte productie op Cactus, integendeel, het klinkt alsof ze de studio zijn ingestormd, nadat ze met hun gitaren de deur inbeukten, om vervolgens de kabels aan te sluiten, de volumeknop open te draaien en het gehele album in één trek opnamen waarna de studio er als een fatalistisch Jeroen Bosch-schilderij zou uitzien. Je wordt er wel wakker van. Om openingstrack Parchman Farm volledig te kunnen appreciëren, moeten je boxen zo luid staan dat er wind uit komt. Rusty Day’s op-de-rand-van-een-hernia-vocalen zijn misschien minder technisch hoogstaand en gemanierd dan die van Stewart, maar wat de eerste aan techniek mist maakt hij goed met snedig neusbloedend geschreeuw. Je kan zijn stembanden bijna horen loskomen.

 

Eigenlijk is er weinig tot niets echt ‘slim’ aan dit album: de keuze voor covers als Mose Allison’s ‘Parchman Farm’ en Willie Dixon’s ‘You Can’t Judge A Book By The Cover’ waren maar weinig inspirerend – elke zichzelf respecterende amateur boogie bar band speelde die nummers – maar het was hun overduidelijke kwaliteit samen met hun onsubtiele rocken-om-te-rocken-attitude dat Cactus’ sterkste punt was. Hoewel door critici soms verworpen, werd Cactus een absolute favoriet in het live-circuit en een blijvende invloed.

 

cactusband

 

Cactus’ bluesy hardrock was jaren voor op zijn tijd (je kan je bijna inbeelden dat Steve Gaines en Ronnie Van Zandt, Eddie Van Halen en Ronnie Montrose allemaal in hun slaapkamers zitten met dit album draaiende, denkend ‘Dit is het!’ waarna ze enkele geweldige ideeën krijgen over zelf een boogie combo samen te stellen). En zoals alle groepen die in hun tijdperk enigszins over het hoofd werden gezien, draaide het wiel der gerechtigheid ook in het voordeel van Cactus die nu terecht als een veel grotere invloed gelden dan veel van hun tijdsgenoten.

 

Latere Cactusalbums zijn teleurstellend (behalve dan hier en daar een nummer) en tegen dat ‘Ot And Sweaty’ in 1972 uitkwam, waren ze een totaal andere band (het was zelfs zo dat bij opvolger ‘New Improved Cactus’ Appice en Bogert zelfs niet meer in de line-up zaten). Maar als donderende aankondiging van het einde van de zwierige, hippie ’60 en de geboorte van de hard rockende ’70, kende dit album zijn gelijke niet.

 

 

 

 

© 2009 - 2010 cultusonline

Meer artikels:
Interviews
Albumreviews
Concertrecensies
Filmreviews
DVDreviews
Filmartikels
Muziekartikels
Flashback
Meer film: