Derek Trucks Band - De Arische Ali Farka Touré PDF Afdrukken E-mail
Interview
door PJ Symons   
woensdag 23 december 2009 07:53

Het dolle combo van de Allman Brothers-gitarist heeft er een dol jaar opzitten: een nieuw album, een Europese tour, een Amerikaanse tour en binnenkort wat nieuwe sessies. Hoog tijd voor een interview, vonden wij zo.

 

Wanneer hij 11 jaar was jamde Derek Trucks al op het podium met zijn nonkel Butch Trucks van de Allman Brothers Band, een groep waar kleine Derek uiteindelijk zelf bij zou belanden. Vandaag de dag is kleine Derek groot geworden en speelt hij nog steeds bij die legendarische groep (samen met o.a. Greg Allman en Warren Haynes van Gov’t Mule). De slide-gitarist, die nog voor een Grammy werd genomineerd, speelde doorheen zijn carrière ook samen met zwaargewichten als Eric Clapton, Buddy Guy, Bob Dylan en vele anderen. Hoog tijd dat hij hier bij ons wat bekender wordt.

 

Je muziek is te bluesy om pop te zijn, maar te mellow en commercieel voor de blues. Hoe omschrijf je jouw muziek zelf?

Trucks: Ik beschrijf mijn muziek gewoon niet. (Jazz saxofonist) Ornetta Coleman zei het nog het beste: “Talking about music is like dancing about architecture.

 

In de biografie op de website van de Derek Trucks Band staat te lezen dat de band ‘poogt progressieve rootsmuziek te creëren met als doel deze kunstvorm verder te ontwikkelen en te bewijzen dat het veel meer dan een hype is’.

 

Trucks: Populaire muziek klinkt al veel, veel te lang erg lusteloos. Bovendien krijg je niets meer verkocht aan platenmaatschappijen tenzij het netjes verpakt is. Zelfs de meest anticommerciële muzikant moet daarin meegaan. Een muzikant kan trouwens niet anticommercieel zijn, zoals er velen beweren. Je speelt muziek, je wilt dat die muziek gehoord wordt, je hoopt altijd dat mensen jouw muziek geweldig, of op z’n minst goed vinden. Elke kleine jongen die een gitaar opneemt, hoopt daarmee later voor een arena van 10.000 man te staan en zijn songs te brengen. Muzikanten die beweren dat ze anticommercieel zijn, moeten ze op hun slaapkamer opsluiten. Laat ze daar maar hun songs voor de oude meubelen zingen, dan zijn ze anticommercieel.

 

OK, niet anticommercieel dus. Feit is wel dat jullie geen erg grote spelers waren op wereldniveau. Je moet vast van je stoel gevallen zijn wanneer je zag dat jullie zesde album, Already Free, op plaats 19 in de lijst van Billboard debuteerde?

 

Trucks: Absoluut, ongelofelijk eigenlijk. Na vijftien jaar bijna onafgebroken op tour te zijn, zowel met Allman Brothers, als met de Derek Trucks Band, als de wereldtournee met Eric Clapton, lijkt alles eindelijk in zijn plooi te vallen. Nu is het zaak om mijn voet stevig tussen die deur te houden.

 

Je speelde met Bob Dylan samen. Bob Dylan is eigenlijk meerdere personen – met welke daarvan werkte jij samen?

 

Trucks: Bob is altijd enorm vriendelijk en bijna vaderlijk tegenover mij geweest. Hij heeft wel zijn ruimte nodig, en zorgt er ook voor dat die ruimte ten allen tijden bewaard wordt. Wat natuurlijk erg logisch is als je Bob Dylan bent. Ik heb dus Dylan de vader ontmoet, maar wanneer zo iemand je raad geeft, of het nu Dylan, Stephen Stills of Eric Clapton is, dan luister je. Zoiets komt natuurlijk altijd vaderlijk over.

 

Derek Trucks Band

 

In 2003 werd je de jongste ooit in de lijst van Rolling Stone’s 100 Greatest Guitarists Of All Time. Hoe heeft dat je beïnvloed?

 

Trucks: De appreciatie van Rolling Stone was natuurlijk heel erg fijn. Maar laat ons wel duidelijk wezen dat die lijst alles behalve de Bijbel was: Albert King en Django Reinhardt stonden er bijvoorbeeld niet in en een hoopje nu-metal prutsers dan weer wel. Moest ik de lijst opstellen, zou ik nog niet in de top 500 staan.

 

Jij speelt regelmatig in Europa als soloartiest en Gregg Allman kwam ook eens heel uitzonderlijk op bezoek in 2007. Wat belet de Allman Brothers om in Europa te touren?

 

Trucks: De volledige Amerikaanse show die we spelen is veel te groot voor het publiek dat we zouden trekken in Europa. Country werkt daar maar matig, ‘wereldsterren’ als pop-country zanger Billy Ray Cyrus vult hier stadions terwijl hij in Europa met moeite een zaal van 2.000 weet te vullen. De Allman Brothers hebben gewoon de Europese markt niet voldoende ontwikkeld en, jammer genoeg, denk ik dat het daar nu ook te laat voor is.

 

Hartelijk dank voor dit interview!

 

 

© 2009 - 2010 cultusonline

Meer artikels:
Interviews
Albumreviews
Concertrecensies
Filmreviews
DVDreviews
Filmartikels
Muziekartikels
Flashback
Meer film: