How To Buy: David Bowie PDF Afdrukken E-mail
Artikel
door PJ Symons   
vrijdag 26 juni 2009 08:40
Artikelindex
How To Buy: David Bowie
pagina 2
pagina 3
pagina 4
Alle pagina's
Bowie’s repertoire is een waar mijnenveld voor leken. Laat dit je helpen om de scary monsters van de super creeps te scheiden.  

De muziekpers weet blijkbaar niet echt heel veel van hagedissen. Moest dat wel zo zijn, zouden ze de laatste 40 jaar niet naar Bowie gerefereerd hebben als de ‘kameleon van de pop’. De onderscheidende eigenschap van de kameleon is zijn mogelijkheid van kleur te veranderen naargelang zijn omgeving. Het mengt zich eerder met wat al bestaat dan anders te zijn. Eigenlijk is een kameleon dus het reptielequivalent van Papa Roach.

 

Het omgekeerde is dan weer wel waar voor David Bowie. Reeds vanaf de release van zijn eerste hoopje singles in 1966, heeft deze fascinerende soloartiest het gehele muzikale landschap geforceerd om zich aan hem aan te passen. Wanneer dat dan gebeurt, ontdoet hij zich van zijn verouderde muzikale huid om zijn queeste verder te zetten naar verse inspiratie. We zagen Bowie dit ontelbare malen doen en het verplicht ons steeds tot opgewektheid en respect.

 

bowie

 

Wanneer de gemiddelde rockband over experimenteren spreekt, betekent dat meestal dat ze een nieuw akkoord hebben geleerd. Bowie’s interpretatie van experimenteren is véél extremer. Wanneer hij zichzelf opnieuw uitvindt, zoals hij dat om de paar jaren doet, blijft er nog maar weinig over. Zijn muzikale richting varieert dan wel van glamrock tot Philly soul, de productie gaat wel eens van loepzuiver tot de ruwheid van acné, de Bowie-figuur verandert al eens van androgyne ruimteman (aka Ziggy Stardust) naar een Nazi-geobsedeerde cabaret act (aka The Thin White Duke), zelfs Bowie’s personeel- altijd van vitaal belang bij elke sprong- staat op losse schroeven wanneer de artiest de beste medicijnen zoekt voor zijn grillige muze.

 

Bowie’s honger voor her-uitvinding maakt hem zowel magnetisch als afstotelijk. Soms liet hij gewoon genres en vrienden achter wanneer het net leek alsof ze het grote lot gingen winnen (en hierbij denken we vooral aan de Ziggy periode). Soms zwom hij langer in twijfelachtige vijvertjes als electronica en dance. Bij momenten lijkt het alsof zijn eclecticisme zich tegen hem gekeerd heeft, en de laatste twintig jaar schoot hij meer naast dan in de roos. De afdeling ‘David Bowie’ bij Fnack wordt met de jaren een gevaarlijker mijnenveld.En toch, met het excellente Heathen uit 2002 bewees hij dat je Bowie altijd te vroeg afschrijft. Terwijl bands als AC/DC en Motörhead affiniteit omarmen, blijft Bowie een van de weinige blijvers die nog steeds capabel is tot shocken en vernieuwen. Misschien zelfs de enige ster uit de seventies die zichzelf nog tot op het randje duwt en zéker de enige die ons op het randje duwt. Wanneer hij in vorm is, raakt niemand zijn enkels.

 

Essentiële klassiekers

 

The Rise And Fall Of Ziggy Stardust And The Spiders From Mars (RCA, 1972)

 

ziggy

 

To Be Played At Maximum Volume’, adviseert de achterkant van de hoes ons en dat is inderdaad de beste manier om van Bowie’s creatieve tentakel te genieten. Ziggy Stardust staat voor het moment waarop David Bowie het helemaal deed kloppen.Zoals alle goede conceptalbums voelde het aan als een reis, van het apocalyptische Five Years tot het met pijn gevulde Rock ’N Roll Suicide. In tegenstelling tot de meeste conceptalbums maakte de aanwezigheid van pop kantjes dat het even leuk luisteren was naar een klein stukje op de radio. Terwijl Bowie nooit beter zou worden, kan je ook stellen dat gitarist Mick Ronson evenveel krediet hiervoor verdient.


 

Hunky Dory (RCA, 1971)

 

hunkydory

 

Hunky Dory staat helemaal in het teken van songs. Dit is het album dat vage Bowiefans het vaakst uit het CD-rek zullen lichten, en terecht. Want waarom zou je de meer uitdagende, mentaal vermoeiende stukken van Tin Machine II uitzitten terwijl je kan baden in de gelukzalige zonneschijn die uitgaat van Changes en Fill Your Heart? Waarom door Earthling zwoegen als je je vingers kan knippen en meeneurieën met Life On Mars en Kooks?In tegenstelling tot Bowie’s latere platen, is er niets esoterisch of aangetast aan de songs verzameld op Hunky Dory. Het is het Bowie-album dat voor Ziggy Stardust een zeker krediet opbouwt en het enige tijdperk definiërende album dat ook geweldig klinkt op house party’s.

 

Sterk aanbevolen

 

Low (RCA, 1977)

 

low

 

Het eerste van de zogehete ‘Berlin-trilogie’ (ondanks grotendeels in Frankrijk te zijn opgenomen). Low was even disparaat en oneven als Bowie’s gemoedstoestand op die moment. Geschreven terwijl hij rehabiliteerde van de cocaïne roes op zijn Station To Station periode, zag deze 1977-klassieker Bowie samenwerken met Brian Eno om een verwilderd klankentapijt te creëren van post-punk nummers als What In The World tot ijzige instrumentale geluidsgolven (Warszawa). Ondanks songs als Sound And Vision en Speed Of Life, is Low zeker niet Bowie’s meest toegankelijke werk, maar misschien wel zijn moedigste en meest evocatieve.

 

Aladdin Sane (RCA, 1973)

 

aladdinsane

 

Op de terugweg van het jaar ervoor verschenen Ziggy Stardust, was Bowie een bonafide superster. Als gevolg daarvan was een groot deel van wat daarop volgde geschreven terwijl hij vanuit de tourbus naar Amerika keek. In minder talentvolle handen zou dat leiden tot een zielloos album, maar Aladdin Sane was niet zomaar een tussendoortje. Het is een breed spectrum aan epiek dat Ziggy Stardust-achtige rockers (Watch That Man, The Jean Genie) samensmelt met ongemakkelijke anit-ballads zoals Lady Grinning Souls en is al even overtuigend op bluesy shuffles (Panic In Detroit) en swingtime pop (Drive-In Saturday). Het was ook het laatste sublieme album dat Bowie en Mick Ronson samen zouden maken.

 


Scary Monsters (And Super Creeps) (RCA, 1980)

 

scarymonsters

 

Na voltooiing van de ‘Berlin-trilogie’, geprezen door critici maar commercieel teleurstellend, begon Bowie de eighties met een album dat erin sloeg te debuteren op nummer 1 in Engeland zonder de rusteloze visie van haar auteur te compromitteren. Scary Monsters werd ontwikkeld vanuit het spinnenweb aan akkoorden uit het hoofd van King Crimson gitarist Robert Fripp en Pete Townshend (op Because You’re Young) en bevatte ook twee essentiële klassiekers: Ashes To Ashes en Teenage Wildlife. Bowie’s commerciële wederopstanding zou pas echt op snelheid komen met Let’s Dance uit 1983, maar voor velen was Scary Monsters zijn laatste grote muzikale statement.

 

 Station To Station (RCA, 1976)

 

stationtostation

 

Bowie’s narcotische input in de seventies was zo groot dat hij naar eigen zeggen zich de opnames van Station To Station zelfs niet meer kan herinneren. Voor de rest van de wereld blijft deze klassieker uit 1976 een van zijn meest memorabele albums.Bestaand uit zes verlengde tracks waarvan de emotionele starheid een geweldig portret schetste van Bowie’s toestand (op dat moment werd hij The Thin White Duke genoemd). Station…stond voor een vaarwel aan de luchtige soul van Young Americans en hintte al de elektronische richting die Bowie later met de ‘Berlin-trilogie’ zou uitgaan. Golden Years werd de grote hit van dit album, maar het is slechts een van de vele momenten die er bovenuit steken.

 

“Heroes” (RCA, 1977)

 

heroes

 

Bowie nam de uitdaging aan om boven Low uit te stijgen met dit tweede door Berlijn geïnspireerde album, opgenomen in de Hansa Studio.“Heroes” deelt een groot deel van de kwaliteiten van zijn voorganger (meer bepaald op illustere instrumentals als Sense Of Doubt en Neuköln) maar Bowie laat beduidend meer vrolijkheid toe op bijvoorbeeld het zurige wantrouwen van de titeltrack en de stomp van Beauty And The Beast. Het is ook berucht voor de bovenmenselijke prestatie van Robert Fripp die naar het schijnt alle gitaarpartijen opnam in één enkele dag ondanks het feit dat hij nog geen noot van de nummers had gehoord.

 


Enkel voor de fans

 

The Man Who Sold The World (RCA, 1971)

 

themanwhosoldtheworld

 

De eerste keer dat het potentieel van Mick Ronson als katalysator voor Bowie de kop opsteekt was op deze stormende plaat uit 1971. Bowie scheurde door folk-pop gevoeligheden en The Man… zette hem voor het eerst in het voetlicht als een ware rockster. Terwijl dit album niet zo consistent was als zijn latere seventies platen, is het onmogelijk om de primitieve kracht van Black Country en de intro van The Width Of A Circle te negeren. De razende riffs van She Shook Me Cold zouden bijna kunnen doorgaan voor heavy metal en de definitieve versie van de titeltrack was hypnotisch en ongemakkelijk. Er zou nog veel beter materiaal van Bowie en Ronson aan komen, maar dit was a hell of a start.

 

Diamond Dogs (RCA, 1974)

 

diamonddogs

 

Wanneer zijn theaterproductie van George Orwell’s 1984 werd geweigerd, gebruikte Bowie de crème van die songs op de tweede helft van Diamond Dogs. Het resultaat was een onsamenhangend album van knip- en plakwerk dat samen werd gehouden door de algemene visie van een toekomst die teloor zou gaan en enkele van Bowie’s meest rockende nummers. Hoogtepunten waren de titeltrack en het gebeitelde ritme van Rebel Rebel. Over het algemeen misten de mensen Ziggy Stardust te veel om deze plaat echt naar waarde te kunnen schatten. Dat gezegd zijnde staan er op Diamond Dogs ook enkele stukken die echt van de hond zijn kloten zijn (bij wijze van spreken dan).

 

Koop alles behalve

 

Labyrinth – The Original Soundtrack (EMI, 1986)

 

labyrinth

 

Hij schaadde zijn imago al met zijn rol als de Goblin King in Jim Henson’s film Labyrinth, maar Bowie volharde in zijn onwaardigheid door ook nog eens de soundtrack te componeren - de enige echte vetvlek op zijn repertoire. Misschien zouden infantiele nummers als Magic Dance niet zo slecht zijn geweest als Bowie’s meer serieuze output op die moment zou bloesemen. Maar na te verwaarlozen albums als Tonight en Absolute Beginners, klonken de nummers die Bowie aan de soundtrack toevoegde alsof hij noest de nagels in zijn eigen doodskist timmerde.

 

Essentiele playlist

 

Watch That Man (Aladdin Ssane, 1973)

The Jean Jeanie (Aladdin Sane, 1973)

Five Years (Ziggy Stardust, 1972)

Starman (Ziggy Stardust, 1972)

Changes (Hunky Dory, 1971)

Let’s Dance (Let’s Dance, 1983)

Space Oddity (Space Oddity)

Rebel Rebel (Diamond Dogs, 1974)

Velvet Goldmine (The Best Of 1969/1974, 1975)

Ziggy Stardust (Ziggy Stardust, 1972)

John, I’m Only Dancing (The Best Of 1969/1974, 1972)

Rock ’n Roll Suicide (Ziggy Stardust, 1972)

Blue Jean (Tonight)

All The Young Dudes (Best Of Bowie)

Golden Years (Station To Station, 1976)

 

© 2009 - 2010 cultusonline

Meer artikels:
Interviews
Albumreviews
Concertrecensies
Filmreviews
DVDreviews
Filmartikels
Muziekartikels
Flashback
Meer film: