Sidi Larbi Cherkaoui : wonderboy van de hedendaagse dansscène PDF Afdrukken E-mail
door Peter Verschueren   
dinsdag 21 september 2010 10:29
Hedendaagse dans op Cultus Online : moet kunnen. Zeker als goudhaantje Cherkaoui een nieuwe voorstelling op de planken brengt. Het culturele seizoen van de Turnhoutse Warande werd op gang geschoten met de zeer gesmaakte nieuwe choreografie van Sidi Larbi Cherkaoui in samenwerking met Damien Jalet. Met deze puike opvoering bevestigt Cherkaoui alsmaar meer zijn reputatie als één van de interessantste figuren in de hedendaagse dansscène.

Cherkaoui en Jalet kwamen met elkaar in contact bij Les Ballets C de la B maar zijn ondertussen hun leerschool ontgroeid. Het resultaat : een eigen VZW (Eastman), in residentie bij het Toneelhuis.

 

 

Voor deze voorstelling grijpen de makers terug naar een oud Bijbels verhaal. In Genesis valt te lezen hoe de nakomelingen van Noach na de zondvloed de stad Babel stichtten in de vlakte van Sinear. Onder leiding van Nimrod bouwt de ambitieuze stadsbevolking - met één taal en één doel - aan een toren die tot aan de hemel zou reiken. Maar God zag liever niet dat de mens aan zijn hiel zou komen kietelen en smoorde het plan in de kiem : hij zaaide verwarring onder de bewoners middels de spreekwoordelijke Babylonische spraakverwarring en de bevolking verspreidde zich multilinguaal over de Aarde.



Tot daar de godsdienstles. De voorstelling "Babel" gaat verder waar het boek Genesis ophoudt. De spraakverwarring mag geen eindpunt zijn, maar moet een uitdaging vormen om - over de culturele verschillen heen - opnieuw op zoek te gaan naar gemeenschappelijke punten, naar eenheid en eendracht. En als taal er als medium niet in slaagt om onderlinge verschillen te overstijgen, dan is er nog altijd het bewegende lichaam.



 

De scenografie waarin deze zoektocht gebeurd - door een dozijn dansers uit alle windstreken - is simpel maar zeer efficiënt. De Britse kunstenaar Antony Gormely nam zijn installatie "Breathing room" als basis. Voor deze dansvoorstelling werd het kunstconcept van de open structuren uitgepuurd tot vijf grote frames uit aluminium, allen met dezelfde inhoudsmaat maar waarvan de assen van lengte verschillen. Deze frames worden tijdens de voorstelling meermaals van plaats veranderd, in en uit elkaar geschoven, als virtuele gevangenis gebruikt of gewoonweg als kapstok om de was aan te laten drogen.


In één van de hoogtepunten van de voorstelling worden de kaders langzaam in elkaar geplaatst totdat ze een soort van toren van Babel vormen. In een ballet van aluminium worden de vormen in een gezapig tempo naar alle kanten gekanteld en gedraaid. Een mooie symbiose van warm en koud. Eerder had de spraakwaterval Darryl Woods deze vormen al als ingebeelde flatgebouwen verkocht middels een overdonderende salespitch, volgestouwd met dure woorden. Taal als vehikel voor gebakken lucht.

 

 


Maar meestal zal doorheen de voorstelling taal opduiken als een hinderpaal en als oorzaak voor ruzie en dispuut. Al van bij de aanvang - de twaalf dansers zitten geknield naast elkaar en roepen het woord 'aarde' elk in hun eigen taal uit, wiegend op het strakke ritme van een Japanse kodo-drummer - vormt het taalverschil een bijna onoverkomelijke barrière. In een grappig interludium op het einde van de voorstelling mag elke danser een kleine speech opvoeren over de verwezenlijkingen van zijn of haar taal. En doorheen de voorstelling wordt de pracht van het medium taal vooral muzikaal benadrukt : Middeleeuwse gezangen in verschillende talen worden afgewisseld met maghrebijnse keelzangen.


Zich aldus bedienend van een coherent en begrijpelijk verhaal, snijden de makers hun voorstelling helemaal af op de maat van een breder publiek door de voorstelling ook van de nodige humor te voorzien. Zo loopt danseres Ulrika Kinn Svensson de hele voorstelling rond als een soort androïde. De scène waarbij twee Japanners deze semi-robot aan het werken trachten te krijgen wordt een tikje te lang uitgesmeerd, maar is bij aanvang wel hilarisch. En ook haar rol als semi-automatische stewardess is heerlijk. Darryl Woods prikkelt ook regelmatig de lachspieren met zijn ratel-speeches. Maar een absoluut fantastische vondst bleek vooral de transformatie die Francis Ducharme doormaakt : één van de grootste aluminium frames wordt op zijn langst geplaatst. Links van het frame is Ducharme een praatjesmaker die de hedendaagse dans in vraag stelt - een leuk stukje zelfrelativering. Doorheen het frame verandert hij echter in een holbewoner die geil en nieuwsgierig aan een vrouwtje snuffelt. Ook ronduit indrukwekkend is de choreografie waarbij Woods - met behulp van ledematen van andere dansers - getransformeerd wordt tot een soort van semi-goddelijke transformer.


De komische interventies mogen dan één en ander wel relativeren, feit is dat deze voorstelling niet anders bekeken kan worden dan als een pessimistische visie op de toekomst. De mensheid is meer verdeeld dan ooit en de Babylonische spraakverwarring is - ondanks het feit dat de wereld een dorp geworden is - nog bijlange niet ten einde.


Het valt niet te verwonderen dat wonderboy Cherkaoui met deze voorstelling laaiend enthousiaste reviews geoogst heeft. En ook vanavond was een lange staande ovatie zijn deel. Het is ironisch genoeg Cherkaoui die stilaan voor zichzelf een hoge toren aan het bouwen is. Laten we vooral hopen dat zijn neergang nog even uitblijft.


Een interessant interview met de twee makers is te bekijken via deze Cobra-link. En voor een impressie van de voorstelling kan je dit korte filmpje aanklikken :

 

 

 

© 2009 - 2010 cultusonline

Meer artikels:
Interviews
Albumreviews
Concertrecensies
Filmreviews
DVDreviews
Filmartikels
Muziekartikels
Flashback
Meer podium: